Profetie en Hoop Les 3 van 4 in deze sectie
Les 10 van 21 48%

Profetie en Hoop — Les 3 van 4

Les 10: Christus' wederkomst

Inleiding

Wanneer bij de oude Grieken door een  bode een boodschap werd overgebracht over een sportieve gebeurtenis of over een gewonnen veldslag, dan noemde men zo’n boodschap ‘evangelie’. De blijdschap en het gejuich dat men waarneemt bij een gewonnen sportwedstrijd geeft zo ongeveer de betekenis van dat woord aan. Dit woord ‘evangelie’ is in het nieuwtestamentische spraakgebruik opgenomen. De reden is, dat de goede boodschap die gebracht wordt, bij diegenen die haar aannemen een onbeschrijfelijke vreugde teweegbrengt. Over de gevangenbewaarder van Filippi bijvoorbeeld wordt geschreven: ‘(…) en hij verheugde zich, dat hij met zijn gehele huis tot het geloof in God gekomen was.’ Handelingen 16:34.En van de kamerling uit Ethiopië wordt gezegd, nadat hij gedoopt was: (…) hij ging zijn weg met ‘blijdschap.’ Handelingen 8:39.

De bijbelse, goede boodschap is de wederkomst van Christus. Alle eeuwen door hebben de gelovigen daarnaar uitgezien. Bij die tweede komst zal het verlossingsplan voltooid zijn. Deze boodschap loopt als een gouden draad door de hele bijbel. Men kreeg daardoor kracht om beproevingen te verdragen en vervolging te doorstaan.

De gezegende hoop van alle eeuwen

Lang voordat Jezus als kind in Betlehem was geboren, profeteerde Henoch over Zijn wederkomst het volgende: ‘Ook over hen heeft Henoch, de zevende van Adam af, geprofeteerd, zeggende: Zie, de Here is gekomen met zijn heilige tienduizenden.’ Judas 14.

Jezus zelf zegt over Zijn tweede komst naar de aarde: ‘Uw hart worde niet ontroerd; gij gelooft in God, gelooft ook in Mij. In het huis mijns Vaders zijn vele woningen (anders zou Ik het u gezegd hebben) want Ik ga heen om u plaats te bereiden; en wanneer Ik heengegaan ben en u plaats bereid heb, kom Ik weder en zal u tot Mij nemen, opdat ook gij zijn moogt, waar Ik ben.’ Johannes 14:1-3.

Deze grote belofte is de eigenlijke grondtoon van de hele Heilige Schrift. De eerste keer kwam Jezus om de zonden weg te nemen, om ons de aanspraak op het eeuwige leven te geven, maar bij Zijn wederkomst zal Hij zowel de gelovigen als de goddelozen hun loon brengen. ‘En zoals het de mensen beschikt is, eenmaal te sterven en daarna het oordeel, zo zal ook Christus, nadat Hij Zich éénmaal geofferd heeft om veler zonden op Zich te nemen, ten tweeden male zonder zonde aanschouwd worden door hen, die Hem tot hun heil verwachten.’ Hebreeën 9:27-28.

De profeten en de wederkomst

Verschillende profeten van het Oude Testament spraken niet alleen over de eerste komst van de Messias, maar ook reeds over de tweede. David zei*: ‘(…) want Hij komt, want Hij komt om de aarde te richten; Hij zal de wereld richten in gerechtigheid en de volken in zijn trouw.’ Psalm 96:13.*

In het boek Job, waarvan aangenomen wordt dat het het oudste bijbelboek is, wordt Christus’ wederkomst als volgt beschreven: ‘Maar ik weet: mijn Losser leeft en ten laatste zal Hij op het stof optreden.’ Job 19:25. En Jesaja zegt: ‘Want zie, de Here zal komen als vuur en zijn wagens zullen zijn als een storm, om zijn toorn te openbaren in gloed en zijn dreiging in vuurvlammen.Te vuur en te zwaard zal de Here gericht oefenen over al wat leeft, en de door de Here verslagenen zullen talrijk zijn.’ Jesaja 66:15-16.

Deze adventhoop is in het Nieuwe Testament door de prediking van Jezus en Zijn apostelen tot volle ontplooiing gekomen.

De apostelen en Christus’ tweede komst

Evenals de profeten hadden ook de apostelen de overtuiging dat Jezus zou weerkomen, en zij vestigden daarop hun hoop. We laten eerst Paulus aan het woord. ‘Want wij zijn burgers van een rijk in de hemelen, waaruit wij ook de Here Jezus Christus als verlosser verwachten.’ Filippensen 3:20. ‘Verwachtende de zalige hoop en de verschijning der heerlijkheid van onze grote God en Heiland, Christus Jezus.’ Titus 2:13.

Vervolgens Petrus, hij zegt: ‘Want wij zijn geen vernuftig gevonden verdichtsels nagevolgd, toen wij u de kracht en de komst van onze Here Jezus Christus hebben verkondigd, maar wij zijn ooggetuigen geweest van zijn majesteit.’ 2 Petrus 1:16.

En tenslotte de apostel Johannes: ‘Hij, die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom spoedig. Amen, kom, Here Jezus!’ Openbaring 22:20.

Waarom komt Christus weer?

Verschillende keren heeft Jezus gezegd dat Hij persoonlijk zal terugkomen op aarde. Het is van groot belang om de reden van Zijn wederkomst te kennen. Een juist, bijbels inzicht hierover voorkomt dat men zich op dwaalwegen zal begeven en te maken krijgt met verschillende tegenstrijdige visies. De volgende teksten geven een antwoord op deze vraag.

‘Want de Zoon des mensen zal komen in de heerlijkheid zijns Vaders, met zijn engelen, en dan zal Hij een ieder vergelden naar zijn daden.’ Matthéüs 16:27.

‘Wanneer dan de Zoon des mensen komt in zijn heerlijkheid en al de engelen met Hem, dan zal Hij plaats nemen op de troon zijner heerlijkheid.  En al de volken zullen vóór Hem verzameld worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, zoals de herder de schapen scheidt van de bokken, en Hij zal de schapen zetten aan zijn rechterhand en de bokken aan zijn linkerhand. Dan zal de Koning tot hen, die aan zijn rechterhand zijn, zeggen: Komt, gij gezegenden mijns Vaders, beërft het Koninkrijk, dat u bereid is van de grondlegging der wereld af.’ Matthéüs 25:31-34.

‘Dan zal Hij ook tot hen, die aan zijn linkerhand zijn, zeggen: Gaat weg van Mij, gij vervloekten, naar het eeuwige vuur, dat voor de duivel en zijn engelen bereid is.’ Matthéüs 25:41.

‘Want zie, de dag komt, brandend als een oven! Dan zullen alle overmoedigen en allen die goddeloosheid bedrijven, zijn als stoppels, en de dag die komt, zal hen in brand steken (zegt de Here der heerscharen) welke hun wortel noch tak zal overlaten. Maar voor u, die mijn naam vreest, zal de zon der gerechtigheid opgaan, en er zal genezing zijn onder haar vleugelen; gij zult uitgaan en springen als kalveren uit de stal.’ Maleachi 4:1-2.

De reden van Jezus’ wederkomst is dus om een billijk oordeel te vellen over de rechtvaardigen en over de goddelozen. De eersten zullen het eeuwige leven ontvangen, de anderen de eeuwige dood. De bijbel verstaat onder rechtvaardigen zij die de gerechtigheid van Christus aannemen door het geloof. De Messias wordt niet voor niets genoemd: ‘(…) de Here onze gerechtigheid.’ Jeremia 23:6.

Een andere conclusie die we uit bovenstaande teksten kunnen trekken is, dat we geen tweede kans krijgen om ons te bekeren. Bij de wederkomst van Christus zal over ieders lot beslist zijn.

De manier van Christus’ wederkomst

Hoewel de bijbel omtrent de wijze van Christus’ wederkomst duidelijk is, hebben sommigen zich hierover geen schriftuurlijk beeld gevormd. Er bestaan over dit punt binnen de christelijke geloofsrichtingen tal van inzichten, die lopen van een ontkenning van Zijn persoonlijke wederkomst tot een vergeestelijking daarvan. Zelfs zijn er die beweren dat Hij reeds is wedergekomen in de persoon van een nu levend mens. Maar ook daarin vervult zich de voorspelling van Jezus: ‘En Jezus antwoordde en zeide tot hen: Ziet toe, dat niemand u verleide!’ ‘Indien men dan tot u zegt: Zie, Hij is in de woestijn, gaat er niet heen; zie, Hij is in de binnenkamer, gelooft het niet.’ Matthéüs 24:4, 26.

Zoals de bliksem doordringt tot alle duistere hoeken, zo zal ook de gebeurtenis van Jezus’ wederkomst voor allen zichtbaar zijn.

Toen Jezus Zijn werk op aarde voltooid had, voerde Hij Zijn discipelen naar buiten op de Olijfberg. Daar waren zij getuige van Zijn hemelvaart. En terwijl zij Hem nakeken, gaven engelen hun de blijde boodschap van Zijn wederkomst. ‘En nadat Hij dit gesproken had, werd Hij opgenomen, terwijl zij het zagen, en een wolk onttrok Hem aan hun ogen. En toen zij naar de hemel staarden, terwijl Hij henenvoer, zie, twee mannen in witte klederen stonden bij hen, die ook zeiden: Galileese mannen, wat staat gij daar en ziet op naar de hemel? Deze Jezus, die van u opgenomen is naar de hemel, zal op dezelfde wijze wederkomen, als gij Hem ten hemel hebt zien varen.’ Handelingen 1:9-11.

Ook de volgende teksten zeggen dat Jezus zichtbaar weerkomt. ‘En dan zal het teken van de Zoon des mensen verschijnen aan de hemel en dan zullen alle stammen der aarde zich op de borst slaan en zij zullen de Zoon des mensen zien komen op de wolken des hemels, met grote macht en heerlijkheid.’ Matthéüs 24:30. ‘En dan zullen zij de Zoon des mensen zien komen op de wolken, met grote macht en heerlijkheid.’ Markus 13:26. ‘Zie, Hij komt met de wolken en elk oog zal Hem zien, ook zij, die Hem hebben doorstoken; en alle stammen der aarde zullen over Hem weeklagen. Ja, amen.’ Openbaring 1:7.

Wanneer komt Christus weer?

De laatste tekenen van Jezus’ wederkomst hebben zich vervuld. Dat wil echter niet zeggen dat de exacte tijd van Zijn komst bekend is. De bijbel waarschuwt voor dergelijke speculaties. ‘Doch van die dag en van die ure weet niemand, ook de engelen der hemelen niet, ook de Zoon niet, maar de Vader alleen.’ Matthéüs 24:36.

Wel worden de omstandigheden genoemd waarin de aarde en de mensen zullen verkeren voor deze grootse gebeurtenis. Toen Noach de ark bouwde en de toenmalige wereld bekendmaakte dat God de aarde en alles wat daarop was, zou vernietigen door het water, werd zijn boodschap niet aangenomen. Men bekeerde zich niet, hoewel gedurende hondertwintig jaar elke hamerslag een aankondiging was van het komende onheil. ‘En gelijk het geschiedde in de dagen van Noach, z zal het ook zijn in de dagen van de Zoon des mensen.’ Lukas 17:26.

De boodschap van de spoedige wederkomst van Christus zal evenmin door het merendeel der mensen worden geaccepteerd. Jezus zegt: ‘(…)Doch, als de Zoon des mensen komt, zal Hij dan het geloof vinden op aarde?’ Lukas 18:8. De situatie zal vergelijkbaar zijn met die van de tijd van Noach. Toch zijn er altijd nog mensen geweest, die de Here naar eer en geweten hebben gediend. Ook nu heeft God nog een volk in deze wereld. Van hen wordt onder andere gezegd: ‘Hier blijkt de volharding der heiligen, die de geboden Gods en het geloof in Jezus bewaren.’ Openbaring 14:12.

De belofte aan de overwinnaars is: ‘(…) Wie overwint, hem zal Ik geven te eten van de boom des levens, die in het paradijs Gods is.’ Openbaring 2:7.